Wat is Twirl?

Heel veel mensen zeggen dat twirlen gooien met een baton is. Maar dit is niet waar. Twirlen is een combinatie van ritmische gymnastiek, turnen, ballet en majorette. Met twirling leer je verschillende dingen.

Je leert bijvoorbeeld de toss-turn of de 3 spin. Twirlen is een hele lastige sport en je kunt het niet zomaar. Daarvoor moet je heel veel trainen.

Majorette is niet heel veel anders dan twirling je doet het zelfde met de Baton en je doet mee aan wedstrijden (sommige pelotons niet.) Maar met Majorette wordt veel minder geturnd in een show, bij majorette is het meer dans.

Waar komt het twirlen vandaan?

Twirlen is ontstaan vanuit een gevechtssport die populair was op de Samoa-eilanden. Vanaf deze eilanden verspreide en ontwikkelde zich de sport in Amerika waar al snel wedstrijden en nationale kampioenschappen weden gehouden.

De oorspronkelijke gevechtsattributen (grote houden stokken) werden vervangen door metalen stokken met rubber uiteinden. De bewegingen die met de stokken werden gemaakt richten zich meer op het ronddraaien ervan; vandaar de naam twirling.

Wat heb je nodig als je gaat twirlen

Je hebt als je begint een baton nodig (dat is de stok waarmee gedraaid wordt) Het is altijd handig om een batontas aan te schaffen waar jij je baton en andere dingen in kunt bewaren.

Je hebt ook trainingskleren nodig en twirltjes (twirl schoenen). Als je aan wedstrijden meedoet moet je ook een cd van de NBTA hebben. Daar staat verplichte muziek op. Je hebt ook veel haarspulletjes nodig, bijv haarbanden in verschillende kleuren, elastiekjes, schuifjes, haarlak etc.

Kleding voor op de wedstrijden is ook wel handig, bijvoorbeeld leuke pakjes die bij het thema van de muziek waar jij je routine op doet, passen. Je moet altijd een extra paar veters bij je hebben voor als die knappen.

Als je op de wedstrijden bent moet je altijd een extra cd met muziek meenemen. Dan heb je er altijd een reserve als de andere cd crasht. Dat gebeurt best vaak.

Waar zijn er allemaal twirl en majorette groepen?

In heel Nederland zijn majorette/twirl groepen.

Welke categorieën heb je allemaal?
Je hebt leeftijd categorieën en niveau-categorieën. Als leeftijd categorieën heb je:

•Peewee; dat is van 0-7 jaar
•Juvenile; van 7-10 jaar
•Preteen; van 11-13 jaar
•Junior; van 14-17 jaar
•Senior; 18 jaar en ouder

Ook heb je nog niveau-categorieën. Je start als beginner. Als je beginner bent krijg je normaal in de 60 punten. Alleen als je het super goed doet krijg je 70 punten of meer. Als je 70 punten of meer haalt promoveer je naar intermediate.

In de intermediate klasse haal je normaal in de 70 punten. Ook daar promoveer je weer als je 80 punten of meer haalt. Dan ga je naar advance- of kampioenklasse. Je kunt daar maximaal in de 80 punten halen.

Wat doe je allemaal op de training

Om te beginnen doe je altijd een warming-up. Sommige verenigingen doen dit niet maar als je een warming-up doet heb je minder last van spierpijn en een warming-up bestaat vaak uit wat oefeningen om je polsen en schouders een beetje los te maken en je spieren warm te maken.

Dan begint de les. Als je daarmee klaar bent ga je twirlen. Als je dan helemaal warmgedraaid bent, ga jij je eigen routine doornemen. Dan ga je de dans nog een paar keer oefenen en dan doe je nog een paar twirls. Meestal is je les dan weer voorbij maar dat ligt eraan hoeveel uur je traint.

Wat doe je met een routine?

Met een aantal onderdelen is er verplichte muziek en zijn er verplichte dingen die je moet doen. Bijvoorbeeld bij bij 1-baton, 2-baton, duo en twirlteams moet je beginnen met vertikaal. Daarna ga je naar de vingertwirls, rolls, horizontaal en tot slot weer vertikaal.

Met die onderdelen moet je ook nog beginnen en eindigen met een saluut. Daarnaast heb je ook nog dance-twirl, smallteam dance, largeteam dance en pomponteams.

Daar moet je zelf muziek voor maken en ook een dansje. Met basic-strut moet je netjes lopen en vooral op de maat van de muziek.(strutting)

Hoe kun je op een NK of een EK, WK komen?

Op wedstrijden kun je in elke categorie bepaalde punten halen. Beginner 60/70 punten, intermediate 70/80 punten, advance 80/90 punten of hoger. Als je in de beginner 67 punten haalt ben je geplaatst voor de voorronde van de Nederlandse Kampioenschappen.

Op de voorronden moet je bij de eerst 10 komen om naar het N.K. te mogen gaan. In de intermediateklasse moet je 75 punten halen om je te plaatsen. In de categorie advance moet je 83 punten halen en hoef je niet aan de voorronden mee te doen.

Op het N.K. wordt dan bepaald wie er mee mogen naar een E.K. of W.K. In de advance- of kampioensklasse gaan de nummers 1, 2 en 3 mee en de nummer 1 uit de intermediateklasse met nummer 2 als reserve.

Zo wordt er dan een Nederlandse Equipe samengesteld en door een bondscoach klaar gestoomd (d.m.v. bondstrainingen en verplichte wedstrijden) om Nederland te vertegenwoordigen op een E.K. of W.K.